wij
We zijn met z’n allen aan het veranderen. We, dat waren wij dan hè! De mensen van de tuin.
Sommigen van ons vinden dat jammer. Voor anderen is dat gezellig. En mij lijkt het eigenlijk wel logisch. Typisch gevalletje zo-gaan-de-dingen-nu-eenmaal.
Het is net als bij ons in de Jordaan. Daar woon ik. Best lang al vind ik zelf, maar voor de echte Jordanees is 15 jaar natuurlijk niks. Een lachertje.
Eerst had je de Jordanees. Dat zijn vaak mensen die in grote gezinnen tegelijk op driehoog achter zijn geboren. Mensen met prachtige herinneringen aan die heerlijke buurt van weleer.
Daarna kwamen de kunstenaars. Die gingen van die lieve pandjes enge galerietjes maken. Vreselijk eigenlijk, maar dat hoor je niet te zeggen natuurlijk. Lege benedenverdiepingen met niemand erin, ik doe al jaren of het de gewoonste zaak van die wereldse Jordaan is. Toen waren daar ineens de yuppen, de mensen van de televisie. Die wonen allemaal op hetzelfde grachtenrijtje. Ik ben bang dat ik daar ook bij hoor, maar dat probeer ik zoveel mogelijk te verbloemen. En nu is de tijd daar dat de Jordaan is ontdekt door de crimineel. Niet werkende, slecht uitziende mannen die soms kleine pakketjes krijgen aangereikt. Mannen met de mooiste grachtenhuizen en de grootste boten.
Bij iedere nieuwkomer kijkt de buurt een beetje verstoord op. Dat verbroedert enorm natuurlijk. De groep Wij-tegen de rest van de wereld wordt steeds groter. Tegen de tijd dat de verwende 17-jarige kamerbewoner de Jordaan heeft ontdekt, bestaat de hoofdschuddende welkomstgroep uit: Jordanees, kunstenaar, yup en crimineel. Best knus als je ‘t goed nagaat.
En zo gaat het ook met mijn nieuwste liefde: De Tuin. Op zich was het al erg wennen dat ik dacht iets unieks te hebben ontdekt, terwijl er een hele volwassen tuinwereld achter bleek te zitten die hier al jaren reilt en zeilt.
Maar goed, over die verbazing ben ik inmiddels heen. En geniet met volle teugen van mijn schattige huisje, m’n lieve tuin, het kassabaantje en ook van: ons. Van jou en mij. Ja, daar achter die kassa krijg ik toch wel een levendig en heerlijk beeld hoe onze Braakbevolking er momenteel uitziet. En er is in korte tijd een hoop veranderd, heb ik zomaar de indruk. Ons gezelschap wordt bonter. Er zijn natuurlijk oudere tuinbezitters die aan de wieg van dit complex hebben gestaan. Maar ik zie ook steeds meer mediterrane tomaten- en bonenkwekers, jonge gezinnetjes en verstrooide toneelspelers.
Zelf ben ik geloof ik ook nogal a-typisch. Hoewel ik een hele leuke man heb, doe ik ‘t huisje toch in m’n eentje. Ik schrijf er graag en zo.
Zouden de echte diehards mij ook zien als zo’n vervelende nieuwkomer, denk ik wel eens benauwd. Maar ja, het is niet anders. Zo gaan die dingen nu eenmaal.
Bovendien zie ik heel eerlijk gezegd wel een klein taakje voor me klaarliggen. Het taakje van het taboe doorbreken. Van zeggen wat anderen niet durven maar wel heel graag kwijt willen: Ik weet namelijk niks van tuinen. Je kan blijkbaar heel veel van iets houden, zonder er ook maar de ballen verstand van te hebben. Klinkt me op de een of andere manier heel modern in de oren. Hoewel we dat in de liefde heel gewoon vinden natuurlijk. Hoeveel mannen houden er niet van een vrouw waar ze geen sikkepit van begrijpen? Maar zo is het dus ook met de tuin.
Ik weet zeker dat het fenomeen tuincomplex booming business wordt. Steeds meer Amsterdammers zullen deze wereld vol ongekende schatten ontdekken. Mensen met steeds minder groene vingers. Die geen dovenetel van z’n brandende broertje kunnen onderscheiden.
Yuppen die daarom zonder enige schaamte een officiële tuinman zullen inhuren. Want waarom wel een hulp in de huishouding, en niet in mijn tuin, zullen ze dan zeggen. En daar moeten de seniors niet van schrikken. Daar kunnen ze een slaatje uit slaan. Vers op het bord graag.
Want er lonkt een gat in de markt voor alle Brakers met groene vingers: Wij nieuwkomers willen het vak leren, wij hunkeren naar tuinkennis. Geef ons een cursus! Daar willen we graag voor betalen. Want anders gaat dat geld maar naar zo’n dure tuinman. Mensen, er hangt handel in de lucht! Er op af!

