Als het er op aan komt
Een ‘mannige man’, zo typeerde Jacobine Geel dominee Hans Visser in haar gesproken recensie op radio 1 van zijn boek ‘ God.’
Ik stam uit een geslacht met mannige mannen. ‘Spreek dat ik het horen kan en bijt in m’n kont dat ik het voelen kan!’, zo baste mijn kortaangebonden grootvader als iemand naar zijn smaak te bescheiden en te zacht sprak.
Met zo’n mannigerd ben ik vervolgens achttien jaar in zee geweest. Zelfs uiterlijk leek deze grote liefde op dominee Visser. Ook al is de verkering nu uit, toch voel ik tot in m’n lurven waarom ik op die man viel en altijd vallen blijf.
Ik weet dat we ons oordeel heel vaak bij moeten stellen en ook is mij bekend dat het geen oorlog meer is, maar toch houd ik de onhebbelijke gewoonte mensen op het eerste gezicht te willen taxeren met de onhoorbaar zachte vraag: ‘ Kunnen we bij jou onderduiken?’
Bij die grote liefde dacht ik meteen dat dat tot de mogelijkheden behoorde en ik bleek geen ongelijk te hebben. De reden dat ik de beste jaren van mijn leven bij hem wilde zijn was dat ik zeker wist dat als ik iemand in nood van straat zou plukken om hem of haar onderdak te verlenen, ik mijn heer des huizes niet hoefde bellen met de vraag of hij daar bezwaar tegen had.
Onderduiken. Dat kunnen we ook bij Hans Visser. Gevalletje buiten kijf.
Ik heb hem ooit zien pimpampetten met vluchtelingen uit alle windstreken der aarde. Niemand wist een kledingstuk met een M, want er werden weliswaar vele talen begrepen, behalve ons Nederlands. Toch deelde Visser onvermoeibaar opgewekt aan alle zwijgende speldeelnemers blikken bonen en pakken koffie uit.
In zijn autobiografie ‘God’ blijkt Visser krachtig kwetsbaar openhartig. Ook al is hij nu buitenkerkelijk geraakt, God leeft hartstochtelijk met hem mee. Zo schrijft hij bijvoorbeeld:
‘In de vader van Siebelink herken ik iets van mijn eigen vader. Zijn boek Knielen op een bed violen heeft mij zeer ontroerd. De geloofsworsteling spreekt mij aan. Bij het lezen van het slot van Siebelinks boek heb ik gehuild.’
Deze uitspraak sms ik door naar Jan Siebelink. Vrijwel onmiddellijk krijg ik‘n digitaal antwoord van de gelauwerde schrijver:
‘Zojuist je sms gelezen. Tranen in mijn ogen. Ik heb iets met die man. Zijn oprechte engagement, zijn strijd tegen bureaucratie en burgerlijkheid.’
Vreemd, ook bij Siebelink denk ik dat het onvoorwaardelijk onderduiken is.
Waar zit ‘m dat toch in?
Visser schrijft dat met name zijn worsteling rond huwelijkstrouw hem open en mild heeft gemaakt naar de verschopten der aarde die naar zijn Pauluskerk strompelden.
Mannige mannen die zich kunnen permitteren hun oordeel over anderen op te schorten. Mmmm. Ik heb er wel oren naar. Volgens mij was Jezus er ook zo een. Manniger dan menigeen denkt.


Heel mooi stuk! Ga zo door.
[...] column door Annemiek Schrijver. Link naar weblog van Annemiek Schrijver. Gepost in In de [...]