11-11-11

Wat een herrie! O ja, het is natuurlijk Sint Maarten. Een oneindige stroom kinderen met lichtjes in hun hand meandert door de schemerende Jordaan. Ach ja, dat hengelen naar snoep met een onverstaanbaar liedje. De kinderhand wil steeds gevuld. Maar ja, vanavond geldt het gekkengetal, dus we zien het door de vingers. Snel nog wat in huis halen.
11-11. De geboortedag van mijn grootvader.
Die lieve, kortaangebonden, muzikale, vrome, schalkse man van 11-11-’11.
Hoe zou zijn Nachtzoen voor ons hebben geklonken? Zoals hij aan tafel uit de bijbel voorlas, zo wou je voor immer wel op bed gelegd worden.
Weer twee opnamedagen voor De Nachtzoen achter de rug. Oneindig verlangen uit zestien kelen.
Een van de Zoeners had de verloren zoon van Rembrandt bij zich. Heeft ze uit een tijdschrift geknipt en naast haar bed gehangen. Als een wake-upcall om te ontwaken uit de zorgelijke dag. Zodat ze zich iedere nacht onder het laken van de onschuld te rusten leggen kan.
Mooi he, dat licht dat op de zoon schijnt nu zijn vader hem weer aan zijn hart kan drukken. Ook al is hij weggelopen, en heeft hij zijn vaders erfenis verkwanseld.
Maar zo is het leven, de weg van alle vlees. Zo’n jongen moet zichzelf vinden, ook al doet hij daar ongewild anderen pijn mee.
En zo is iedere dag. We bezoedelen ons. Maar aan het eind van iedere dag kunnen we terug keren naar de eerste onschuld met de woorden: ‘ Hier ben ik.’
Er wordt hard op mijn deur geklopt, want er is geen bel. Ik doe open en voor mij staan vijf kinderen van een jaar of tien. Ze zingen glashelder:
‘Ik loop hier met mijn lantaarn,
Lantaarn loop met mij,
Daar boven stralen de sterren,
Beneden stralen wij!’
Pfff, wat mooi. Ik deel maar wat uit en ren dan snel naar m’n laptop.
Want wie is Sint Maarten? Op internet lees ik dat Martinus de Strijdbare in 316 na Chr. geboren is. Hij zag een bedelaar, maar had niets te eten bij zich. Toen gaf hij zijn halve mantel:
‘Sint Maarten is het eerste feest van de grote advent. Het is ook het eerste feest dat in het teken staat van het licht, maar ook van elkaar zien en delen. De natuur toont zich op zijn allerruwst, de mens trekt naar binnen in de warme omhulling van het huis en ontsteekt er het vuur en de lichten.’
Waar zou mijn grootvader nu zijn? Ik zou vanavond best eens tegen hem willen zeggen:
‘Vergeef me mijn omweg, maar hier ben ik.’
Hij zou vast zien dat het goed was.

Dan vertelt internet waarom de heilige Maarten slechts zijn halve mantel gaf:
‘De omhulling die wij iemand schenken moet niet verstikkend zijn, maar de ander in zijn waarde laten en hem/haar innerlijke kracht geven om door te gaan en uiteindelijk zelf weer het heft in handen te nemen.’
Lichtjesavond voor de heilige drieeenheid van 11 november 2009: St. Maarten, Rembrandt en mijn grootvader.


Dag Annemiek,
In mijn google naarstigheid op zoek naar een omschrijving voor onze ‘gnostische leefplek’, kom ik na vele haltes… Ytube filmpjes van jou en… op je site. Hé hij is vernieuwd…. leuk en echt ‘jij’.
Ik ben nog steeds een vermoeden/ Annemiek- fan… en zo mogelijk kijk ik .
In je schrijven over je boottochtjes naar een bijzondere plek voor ‘opgeblonken gevonden parels’ wordt het stil in me, herkenbaar! In deze parels is onze (Jan en ik) levensdroom tot stand gekomen……’paradijs geworden leven’ – ‘van oorspronkelijk mens-zijn naar persoonlijke levenskunst’. Dank voor deze wijze toevoeging..dank voor jouw parel-zijn.
veel liefs van een ‘fan’.
Lutghart