Barbara’s Song
Huizen nabij stations lijken op elkaar. Net als woningen vlak aan zee. Al zie je nog geen spoor of ruik je nog geen zilt, toch weet je al genoeg. Net zoals sommige mensen in te delen lijken in een bepaald type. Hoe kan dat? (Altijd voorzichtig zijn met dit soort boude beweersels. Dikke kans dat de ander jou ook al in een hokje heeft weggezet.) Als ik tegen de makelaar zeg dat je wel kunt zien dat hij uit Laren komt, zet hij lachend z’n zonnebril op en klapt z’n autodakje naar achteren. Hij heeft er zelf om gevraagd. Als hij met z’n collega van de tegenpartij een eventueel toekomstig badkamertje voor mij bekijkt, demonstreert hij met zijn lange lijf en grote voeten overdreven hoe laag het bouwsel is met: “ik blijf niet bij je douchen.” Hondsbrutaal. Gelukkig heb ik vroeger van de enige vrouw des huizes geleerd hoe je moet kijken als je de indruk wilt wekken iets niet gehoord of begrepen te hebben. Heeft me al decennia lang trammelant bespaard. Maar die macho makelaars…Obelix zou ze onbeschaamd durven neerzetten als die rare jongens van een Romeinen. Deze makelaar kan tijdens een bezichtiging ook plots beweren dat het huis “niet schattig en knus genoeg is voor jou.” Schattig? Knus? Dat lijkt me niet bepaald zijn gebruikelijke woordkeus. Zelf zal ik die termen ook niet gauw hanteren. Bovendien kent hij me hoegenaamd niet. Toch heeft hij op zo’n moment altijd gelijk.
Wat is dat toch met huizen en mensen? Een woning kan onberispelijk zijn, een man voorkomend en van onbesproken gedrag en toch kunnen beiden je koud laten. Of is het juist: en daarom kunnen beiden je koud laten? Toegegeven, ik val op butsen en vlekken. Een vissershuis uit 1870 doet mijn temperatuur sneller opklimmen dan een nieuwbouwwoning met alles erop en eraan. Enne…redeneer ‘ns door….hoe zit dat dan met mannen? …Uh…..Ineens schiet me Barbara’s Song te binnen van Kurt Weill. Dat mocht ik zingen tijdens mijn eindexamen conservatorium. Over een meisje dat zich afvraagt op welke man ze valt. Die nette die met mes en vork eet? Of die gast die zelfs zondags geen schone kraag heeft? Ik gooide hoge ogen met mijn zingende hartstocht, terwijl de rest van m’n examen maar heel gewoontjes bleef. Nu weet ik genoeg. Laat die lange dweil van een makelaar maar eens even aan die eeuwenoude balken gaan hangen om te kijken hoe het met houtworm en doodkloppertje is gesteld.

ja ik had een 9 voor zang…… je pakt slechts een deel van het vak
Maar volgens mij heb je hem hard nodig als ik dat allemaal lees.
Aan het werk jij!
Wat ben je toch een origineel en inspirerend mens en ja ook een prachtige vrouw. Gaaf dat je dit gezongen hebt. En ja natuurlijk willen veel (ook leuke) mannen een beschuitje met jou eten…C’est quoi la vie?
ik herinner me jouw vertolking van Surabaya Johnny. Was dat hetzelfde examen? Was heel intrigerend