Dagdromen over nachtzoenen
Van dat verhaal van die sociale overwaarde wordt een mens overmoedig.
Met de handen al uit de nepbontmouwen marcheer ik richting het piepkleine hok waarin nu 22 nachtzoeners het nachtlicht gaan zien.
Met de kwieke vroegemorgenvraag ‘Moet er nog iemand geinterviewd worden?’ al op de lippen.
Plots houdt iemand me in het nog schemerduister aan die zich voorstelt als de baas van Nederland 2. Omdat ik zo vaak op zijn zender zit.
Ja hehe, dat komt door de Nachtzoen, guitige knaap. Geef je kaartje maar, dan kom jij er ook in.
Hij doet het ook nog.
In het knusse hokske aangeland trekt een bonte stoet aan heerlijke, mooie, stoute, onverwachte, wijze, smartelijke en humoristische mensen aan ons opnameploegje voorbij.
Per persoon beslissen we ter plekke of het een eindejaarsgast wordt of een januarikusser.
In het eerste geval flansen we een lief tafeltje met kaarsen in mekaar. De brandweer zou moord en jeweetwel roepen. Tobben laten, zou mijn grootmoeder zeggen.
Haar indachtig, knutsel ik steeds hier of daar een glittertje. Als de camerajongens met het kaarsentafeltje slepen.
Het kan wel, dat blijkt maar weer. Oude tijden herleven. Toen geluk en programma maken nog heel gewoon was en ook al niks mocht kosten. Maar toch meer dan nu.
Ons ploegje wordt overmoedig. Waarom gaan we niet wereldwijd? Als we dit met weinig geld en middelen kunnen, waarom dan niet met de groten der aarde? Productietechnisch valt er best schrander een nepbontmouw aan te passen.
We vliegen naar Washington. Zetten Obama in ons meegevlogen decortje.
Hij legt de hele wereld op bed. Vervolgens verwijst hij ons door naar zijn vrouw en dochters. Daarna naar zijn staf. Zo werken we kostenbesparend in 1 week wereldbepalend Amerika af.
Dan bellen we de nummers van de spirituele wereldleiders. Verkregen uit de foon van the president himself.
Die gaan we ook af, hun achterban en inner circle meenemend in deze Nightkiss-serie. Uiteindelijk heeft de hele wereld elkaar op bed gelegd en wil iedereen voor het vechten en vervuilen eerst een verhaaltje.
Ons ploegje ziet nergens meer een been in.
En daar is onze laatste gast. Nummer 22.
Ik vraag hem of hij op 31 december ons zijn oudjaarsnachtzoen geven wil.
‘Zeker omdat ik de oudste ben”, lacht hij.
Hij is inderdaad al bijna 88.
Terwijl we kaarsjes voor hem aansteken, waarschuwt hij dat hij niet vertellen wil dat hij zijn vrouw zo graag nachtelijk zoent. Maar hij doet het toch.
Ook vertelt hij dat Dries van Agt hem, sinds die pijnlijke affaire in 1978, iedere oudejaarsavond om tien uur belt.
Ze zijn aan elkaar verknocht geraakt. Maar ook zeer gewaagd.
Hij is nu bijna blind.
Van Agt vindt dat verschrikkelijk voor hem: ‘Och jongen toch, je kunt geen boek meer lezen. En dat voor zo’n boekenman als jij!’
En hij: ‘Je moet maar Cruijfferiaans denken dat ieder nadeel z’n voordeel heb.
Want nu hoef ik jouw boek ook niet te lezen.’
Willem Aantjes.
Juist hij doet me geloven dat het mogelijk is.
The international nightkiss.
Mooi, muziek en schrijven kun je ook al….. Jemig!