Er zijn
Buurman Carel is stout geweest. Eerst zie ik hem op tv en dan loop ik hem tegen het lijf als hij thuiskomt. Hij houdt een mysterieus verhaal over banden die nog lopen, ook al is de uitzending voorbij. Hilversumse geheimtaal. Carel is de vader van Nova en heeft laten zien hoe de gast bij Pauw en Witteman na afloop van hun uitzending een glas wijn in de ogen van Peter R. De Vries gooit. Die beelden zijn inmiddels over de hele wereld vertoond. Dat had hij niet mogen doen. Carel dan he. Die had niet iets mogen tonen wat bij P en W ook niet in de ether was. Het was tenslotte een incident na afloop van hun uitzending.
Jammer genoeg, hoor je ze denken.
Maar Carel staat pal. ‘Wat dacht je wat zij gedaan hadden als het andersom was geweest? Dat bij Nova deze wijngooierij zou hebben plaatsgevonden? Natuurlijk hadden Pauw en Witteman dat dan onmiddellijk gebruikt.’
Ik ben trots op mijn buurman. Beetje stiekem dan he. Ik heb momenteel zo’n enorme behoefte aan echte mannen. Die zie ik nogal weinig om me heen. Sterker nog en tussen ons gezegd en gezwegen…soms denk ik wel eens dat als het nu oorlog wordt, wij vrouwen elkaar en de kinderen moeten redden. Dat is een naar gevoel. Want ik wil niets zo lief als oerrespect houden voor dat andere geslacht. Maar dat is soms best moeilijk. Dus daarom ben ik blij met buurman Carel.
Door hem heb ik iets moois gezien. Een stoere vent, die ook een heel warm hart heeft. Peter R zit tederheid in je ogen. Ik heb ook zijn vrouw gezien. Over oer gesproken…Zij gooit de belager van haar man onmiddellijk een glas water toe. Zij is er voor hem als R bijtende alcohol in zijn ogen zit. Ik begrijp haar wel. Want deze man heeft iets ondefinieerbaar geruststellends. Ik kan er zelf geen enkele beschaafde verklaring voor bedenken, maar deze Peter R doet mij geloven een ultieme onderduikplek te zijn. Als het R echt op aan komt. Wat R ook gebeurt.
Wat de consequenties ook mogen zijn. In een vlaag van verstandsverbijstering heb ik hem dat ooit gemeld. Hij was wel getroffen denk ik. Echt gezien worden in wie je wezenlijk bent, dat is het heerlijkste wat er is. Dan hoeven er nog weinig woorden vuilgemaakt. Hij zei dan ook alleen maar, met een klein lachje: ‘Jij mag ook alvast voor de oorlog komen.’ Die woorden zal ik niet vergeten. Zoals ook Maria woorden overwoog en in haar hart bewaarde.