Hoofdbrekertje

Verlate verjaarscadeautjes zijn pas echt gezellig. Zo geldt dat ook voor zeer vroege kerstverrassingen. Beide mag ik vanavond ontvangen van mijn rijpe concertvriend. Zowel Lohengrin als Blauwbaard in het Gebouw. (Zo noemt mijn muziekvriend het Concertgebouw).
Merkwaardige overeenkomst tussen beide verhalen is de te bestraffen nieuwsgierigheid van zowel de vrouw van Lohengrin, als die van Blauwbaard.
In het eerste geval mag de echtgenote niet vragen naar de naam van haar man. Als ze dat toch doet, en hij Lohengrin de zoon van Parsival blijkt te zijn, moet hij diep bedroefd terugkeren naar zijn oorsprong.
Ook het jonge liefje van Blauwbaard wacht een smartelijk lot als ze die ene kamer waar ze niet mag komen, toch betreedt: daar vindt ze haar vermoorde voorgangsters. Dat brengt ook haar leven in gevaar.
Het lijkt het verhaal van de vrouw van Lot, die ook zo graag doet wat niet mag.
Het is nog geen avond, dus ik heb nog even om er op te kauwen:
Is dit kennelijke oerverhaal een oproep tot overgave en gehoorzaamheid aan het levenslot? Of is het slechts een staaltje machtsvertoon van onderdrukkende mannen naar authentieke vrouwen, onder het motto: ‘Dat willetje moet gebroken worden’?
Het was een merkwaardige week, waarin ik voor beide antwoorden zou kunnen kiezen.
Na een aantal zakelijke ontmoetingen met mannen die duidelijk de indruk hebben dat ze bovenop de apenrots staan en wel in hun eentje (brul brul), kies ik voor optie twee. Maar gelukkig was er ook die heerlijke ontmoeting met die fantastische NCRV-pesentator met wie ik een show mocht presenteren. Dat ging zo vanzelf, dat was als muziekmaken, dansen, spelen en keten. Dat was een staaltje overgave aan de werkelijkheid zoals die zich op dat moment zo hemels ontvouwde.
Optie een. Ik ben eruit. Gelukkig, kunnen we tenminste gewoon van de muziek genieten vanavond.