Niemand in de stad
Vandaag is het nieuws dat er verontruste gereformeerd vrijgemaakten in Dalfsen zijn die zich hebben afgescheiden. Dat lokt weer een enorme discussie uit. Waarom moeten degenen die menen recht in de leer te zijn altijd weg? Waarom dwalen de dwaallichten niet af? En hoe moet je wederom-vrijgemaakte vrijgemaakten noemen?
Voor de buitenstaander is dit wartaal dus ik hou het kort.
Toch gaat het om een levensvraag die iedereen in allerlei vormen tegenkomt:
Verlaat je de zieke (moederkerk) of smeer je ‘m?
Als je huwelijk het niet meer doet, wat is dan wijsheid? Hoe genees je een wond: door ‘m te laten betijen of door ‘m uit te snijden?
Zou hier de Dalai Lama-vraag van toepassing zijn: Ga je voor shorttime pleasure of voor longtime benefit?
Zo mijmert men maar in de duisternis. Ik slenter door de avonduren van de stad van mijn jeugd.
Door de eeuwenoude muurhuizen van de beeldschone binnenring.
Het is een merkwaardige gewaarwording. De toren is gebouwd omstreeks 1400.
Dat heeft me iets te zeggen. Die lange Jan, ook wel Onze Lieve Vrouwe genoemd
–toch heel iets anders- is me al 600 jaar heel nabij.
Tegelijkertijd lijken de tientallen jaren dat ik naast dit immense bouwwerk woonde, lichtjaren ver weg.
Ik passeer het pand waar we kerkten toen ik zes was, omdat ons eigen godshuis nog niet was afgebouwd.
Het voelt zo lang geleden, dat het lijkt alsof ik al ben overleden en als een geest rondwaar op besneeuwde plekken van vorige levens.
Een onhandig gevoel, omdat de straat waarin ik een vriendin zal treffen steeds dichterbij komt en ik haar nabij wil zijn.
Ik kan me zo goed voorstellen dat een mens zich met een stokoude hervormde dorpskerk tot in z’n pit verbonden kan voelen.
Terwijl een vaak afgescheiden kerkvariant waar men elkaar met hete hoofden heeft betwist, uiteindelijk niet diezelfde diepe sporen achter laat.
De kerk moest toch een standvastige stad op een berg zijn, een lichtend, liefdevol symbool naar de buitenwereld? Geen naar binnen geslagen razendsnel verterend vuur?
Maar hoe zit dat dan? Shorttime pleasure en longtime benefit.
Waarom hang ik meer aan de eeuwenoude biografie van een stad dan aan mijn eigen, veel kortere variant? Daar is toch iets mee? Ik weet alleen niet wat.
In deze stad ben ik zo stokoud ver weg dat ik me onzichtbaar voel in de duisternis.
Maar ik verlang ook naar een zonnige lentedag hier op de markt als de stad weer geincarneerd is.
Amersfoort, stad op een berg, ik kom weerom.

