maart8

Oogluikend

Of ik ter zijner tijd mee ga naar de Russisch-orthodoxe paasdienst. Dan zullen horen en zien mij vergaan. Interessant! Als het lijkt op de Griekse variant die ik op Patmos heb mogen meevieren, dan weet ik wat me te wachten staat. Toevallig heb ik ook net een Griekse componiste geïnterviewd met oceaanblauwe ogen die lichtflitsen produceerden toen ze over haar Pasen vertelde. Aldus krijg ik de kern van het Russisch-orthodoxe paasfeest te horen, opdat ik straks het euforische zingen zal begrijpen: Jezus stijgt niet op naar de hemel, maar daalt af naar de hel om iedereen in zijn armen mee te nemen. Oogluikend. Of ik daar voor voel. Ja, daar voel ik wel voor.
Ondertussen mag niemand weten dat ik nog kerstliedjes draai. Zowel kat Kokje als ik kunnen de winter niet vaarwel zeggen. Iedere dag oefenen we met het kattenluikje in onze winkeldeur waarachter een schoorvoetende lente wil beginnen. Maar kat Kokje wil niet. Liever zit hij naast m’n laptopje waar hij een vorstelijk uitzicht over de Jordaan heeft.
Midas Dekkers zegt dit weekend in het Parool dat hij aan een schrijver kan merken of het een kattenmens is: ‘ Tip voor de aankomende schrijver: neem een kat. Als je die eenmaal hebt, gaat de rest vanzelf. Met een poes naast de schrijfmachine heb je altijd inspiratie. Als ik een schrijver goed vind, kan ik er vergif op innemen dat hij net als ik een kattenman is: Kousbroek, Campert, Reve…’
Kok luistert aandachtig naar mijn voorlezerij. Hij denkt, geinspireerd door Midas’ dierenliefde, dat hij als viervoetige met Pasen ook gered zal worden. En net als onze Russisch-orthodoxe gids schudt Kokje z’n kop over het feit dat het westerse christendom als geen andere religie zoveel dualiteiten herbergt: Goed en slecht, mens en dier, genade en ongenade, man en vrouw. Kokje staart naar mijn oranje omafiets die buiten tegen de winkelruit staat. Om het stuur zit een feloranje boa geknoopt. De fiets wordt veelvuldig kirrend gefotografeerd door vrouwelijke toeristen. Mannen lopen door. Ook kleine jongetjes geven geen sjoege, terwijl ieder klein meisje onmiddellijk blijft staan en als in trance de boa gaat staan aaien.
We lijken wel biologen, Kokje en ik. In onze knusse winterstand zijn we oeverloos geduldig en aandachtig, zodat we kunnen waarnemen hoe spontaan de meisjes toch van de jongens verschillen. Ik ga door met voorlezen van Midas. Over hoe hij schrok toen hij als internaatjongetje op de universiteit terecht kwam: ‘Biologiestudenten bestonden toentertijd uit trui en haar. Jongens en meisjes kon je alleen door hun geur uit elkaar houden.’ Haha! Kok slaat van de pret z’n nepmuisje tegen de grond. Ik weet dat Midas niet gered wil worden maar hij zal wel moeten want we willen wel humor voor onderweg.
Ik krijg wel zin in Pasen. Kokje springt van de tafel en wandelt naar z’n luikje.

Dit artikel werd op zondag 8 maart 2009 geplaatst onder Schrijverette
terug naar boven | home

Email will not be published

Website example

Your Comment:

Spam Protection by WP-SpamFree



terug naar boven home
  • "Ze is niet alleen n topactrice maar ook een echte moeder des vaderlands.Ze legt ons op bed om 01.33 op NL2. Beppie Melissen in de #Nachtzoen"
    ""@NoelvanRens: @ikonnemiek Tijdens de montage van het Vermoeden met hoofdletter, komt een zekere Marco S de set inlopen./ ach mn babybroerke"
  • laatste reacties
  • Marcel Mollink { Beste Annemiek Ja ik wil... } – 14 mei
  • Kees { In de zoekfunctie bovenin de... } – 13 mei
  • Anja { Geef mij licht, versterk mijn... } – 6 mei
  • Marije W. { Wat een prachtig woord, genaakbaarheid, ... } – 4 mei
  • Carla { " Zoveel soorten van verdriet,... } – 28 apr