Voorwoord
Pffff, moeilijk maar leuk. Een voorwoord schrijven voor de te bundelen Schrijverettes van deze site, die als ondertitel: ‘Mijmeringen van een stadse pelgrim’ gaan heten.
Maarre….
Kent U Willem Hussem?
Dat is één van die dichters die wegens een teveel aan kwaliteit en diepgang hooguit nog bij de Slegte te vinden zijn. U denkt natuurlijk dat ik me alvast indek. Voor het geval deze verzameling schrijverettes geen bestseller zou worden.
Maar ik ben te bescheiden om te denken dat mijn pen de kwaliteit evenaart van die van zulke topdichters.
Komt door gereformeerd grondwater.
Kan ik even illustreren met dit waar gebeurde verhaal:
Komt een dominee zijn lege kerk binnen. Hij wordt overspoeld door een tsunami van Vreze des Heere, valt voor de Schrift op zijn knieën en roept wenend: ‘Ik ben niemand, Heer, ik ben niemand.’
De organist, die onopgemerkt achter zijn pijpen, juist wat wilde gaan oefenen, hoort de dominee, wordt aangestoken door diens aanval van nederigheid, verlaat schielijk de orgelkruk en stort zich naast de dominee op de grond, roepende: ‘Ik ben niemand, Heer, ik ben niemand!’
Bleek dat de schoonmaakster ook in de kerk was. Het stichtelijk voorbeeld van beide mannen raakt haar diep in haar eenvoudige ziel. Ze laat blik en veger uit haar handen kletteren, rent naar voren, strekt zich languit op haar buik uit naast de brave mannen en snikt: ‘Ik ben niemand, Heer, ik ben niemand!’
De dominee kijkt verstoord op, stoot de organist aan en zegt: ‘Hoe haalt dat mens het in haar hoofd te denken dat zij ook niemand is?!’
Al mijn leven lang weet ik hoe het voelt om de schoonmaakster te zijn.
Maar goed, Willem Hussem dus.
Hij schreef deze onsterfelijke regels:
wanneer je kijkt
zie je nog niet
wanneer je ziet
grijpt het je aan
Dit in het voorjaar uibottend boekje zal gaan over kijken en zien.
Kijken kunnen we allemaal, voorzover we niet visueel gehandicapt zijn.
Maar zien, dat moet je oefenen en leren.
Op den duur kan je het zelfs in den blinde.
Zien heeft te maken met je innerlijk oog, met het licht in je hart dat alleen maar binnen kan vallen als de deuren van de waarneming openstaan.
Zien is het werk van de pelgrim die niet haastig voorbijsnelt op weg naar elders of later, maar die stilstaat bij het geruis van de vleugelslag van trekvogels boven zijn hoofd, de glinstering van de natte kasseien onder zijn voeten, de groet van een oud vrouwtje dat op het land werkt.
De notities in dit boek zijn oefeningen in zien.
Daarvoor hoef je niet naar Santiago te lopen.
Hoewel ik ook graag af en toe de stoute schoenen aantrek en ronddwaal in onherbergzame landschappen waar je geen sterveling tegenkomt, is mijn oefenterrein voornamelijk de stad.
De stad waarin ik dat jongetje langs de spoorlijn zie dat door niemand wordt gezien, nieuwsgierig word naar de inbreker die mijn ruit ingooit en mijn laptop jat, en mijn zoon ontwaar in elke man.
En mijn oefenterrein is tegelijk mijn innerlijke stad, waarin ik gaandeweg alle gevoelens en gedachten durf te gaan zien en te begroeten die een normaal mens liever verdringt.
Dus lezer/es, wees gewaarschuwd: Don’t try this at home! Voor je het weet word je gevoelig en open, kwetsbaar en aanraakbaar en betrokken en meedogend en bijgevolg totaal ongeschikt voor de maskerade waar je tot nu toe zo ongenaakbaar in schitterde.
Voor je het weet is je hart gebarsten van de pijn en de vreugde van heel de wereld.
Enfin, zo erg is dat misschien ook weer niet.
Leonard Cohen zingt: ‘There is a crack in everything; that is how the light gets in’.
Mogen deze notities van een eenvoudige schoonmaakster ertoe bijdragen dat er hier en daar een barstje ontstaat.
Als we nu eens, net als in de prachtige video van Leonard Cohen, wat meer en ook net zo oprecht en bescheiden naar elkaar zouden kunnen buigen…
Dank je voor je bijdrage, Annemiek, aan een wat schonere wereld.
Leuke anekdote. Maar is de schoonmaakster nu een beter mensch?