Zeven sloten
Een beetje huisarts of dominee klapt niet uit de school.
Bekentenissen zijn bij hem in goed professionele handen. Dus een interviewer dient zich ook gedeisd te houden. Maar aangezien ik vakantie heb en me bovendien in m’n rigoureuze tijdperk bevind, kan ik niet anders dan alle wetten overtreden. Wie weet welk doel dat dienen mag. Deze door mij gevoelde noodzaak is trouwens al decennia oud.
Want mijn nichtje dichtte in haar pubertijd een zin die ik al 30 jaar onthouden moet:
‘En in de archieven van eeuwen voorheen herken ik de grieven: de mensheid is een.’
Waarom lijden we allemaal aan hetzelfde, ook als het echt nergens op slaat?
Want hoe vaak heb ik het afgelopen seizoen wel niet dezelfde redenatie van heel verschillende mensen aangehoord:
‘Ja, ik zou zelf heel graag eens een weekend naar Engeland zeilen/van baan veranderen/ een jaar alleen zijn/mijn vleugels uitslaan/niet iedere dag om 6 uur aan tafel willen zitten…..maar dat is zo zielig voor mijn partner.’
Ho. Stop. Ik ben er uit. Wat een valse voorwendsels toch allemaal. Denken dat je liefdevol bent en ondertussen aan het sterven slaat. Zelf heb ik zo’n lief die zulk gedrag niet toe laat. Daar krijg je inzichten van. Laat mij buiten je angsten en verhalen, doe wat je te doen staat, projecteer je mitsen en maren niet op mij, zo lijkt hij te willen zeggen.
Nu zou de lezer kunnen denken dat ik een heel bijzondere man omschrijf. Ja, dat is ook zo, maar ik heb hem ook verdiend. Want zelf ben ik ook zo. O wat een opluchting om te durven zeggen dat mij een gulle man toekomt.
O wat leuk om daadwerkelijk te ervaren dat liefde niets te maken heeft met angst. Of met paternalisme. Jammer alleen dat ik in m’n vak zo onprofessioneel ben. Want ik kan nooit meer neutraal luisteren, omdat ik een ieder z’n zeven sloten gun.
‘Spring! Nu!’, wil ik steeds maar roepen en dat staat zo stom op tv.
Nou ja, ’t is toch vakantie. Kan ons het lekker schelen. Dan spring ik zelf wel. De angstige illusies uit.
